Het LUA-Museum en het Genie-museum

Oorlogszakblog

Inmiddels heb ik het boek “Twintig passen heen, twintig passen terug” uit.
De inval van het Duitse leger werd beschreven vanuit twee “jongens” die er bij zijn geweest. De een moest lijdzaam toezien, de ander smaakte nog het genoegen een vijandelijk vliegtuig neer te halen. In beide gevallen werd het object dat ze moesten verdedigen door de vijand verwoest. Jonge jongens, die net vier maanden in dienst waren.
Toen de oorlog uitbrak, was mijn vader al vier jaar daarvoor als diensplichtige opgeroepen, in 1936 dus. Zijn “Oorlogszakboekje” is nog in mijn bezit, evenals zijn “Groot verlof”-briefje.
Zelf ben ik afgekeurd, dus ik begrijp weinig van het militaire wereldje.

Deze week vielen een aantal puzzelstukjes op- en van hun plaats. Er ontstond een oppasprobleem in het midden des lands bij twee van onze kleinkinderen.
Dat stelde mij in de gelegenheid om naar het LUA-museum in Ede te gaan tijdens hun middagdutje. Voor alleen een museumbezoek maak ik die reis niet zo gauw.
Ik had de routebeschrijving uitgeprint, maar uiteraard reed ik verkeerd. Dan toch een wegwijzer: “garnizoen, kazernes”. Afslaan dus maar. Aan de ene kant een woonwijk, aan de andere kant hoge hekken. Een heel eind verder een bord: “Prins Maurits kazerne”. Onwerkelijke wereld. Hekken, slagbomen. Een gebouwtje bij de slagbomen.
“Is hier ergens het Luchtdoel Artillerie Museum?” vroeg ik aan de geuniformeerde jongen achter het loket. Hij moest het een oudere collega vragen. Ik moest mijn paspoort daar achterlaten en kreeg een badge mee. Het museum bevindt zich binnen het kazerneterrein en de maatregelen zijn dienovereenkomstig. De oudere collega toonde mij een plattegrond, die duidelijk aangaf hoe ik moest rijden.
Eenmaal binnen de hekken had ik kunnen rijden waarheen ik wou, maar ik vraag me af of ik dan niet verdwaald zou zijn.

Het klopte perfect. Ik parkeerde de auto en vond de deur van het museum. Toen ik er binnenging, klonk ergens automatisch een bel. Zoals bij kruideniers vroeger. Ik ging op de stemmen af. In een kantoortje zaten een paar mannen in druk gesprek, dat verstomde toen ik me vertoonde. Ik noemde de naam van de man waarmee ik contact had gehad via e-mail, maar die bleek die dag niet te komen. Het leek me een groep gepensioneerde vrijwilligers, die dit museum beheert.
Een van de aanwezige mannen had Ton Schreutelkamp, de schrijver van “Twintig passen heen, twintig passen terug”, ontmoet, en wist te melden dat die inmiddels overleden is.
De CD met gescand materiaal over mijn vader liet ik achter en ik ging met volle aandacht het museum door, aan de hand van een lijst met beschrijvingen. Van het eerste veldartilleriegeschut dat omgebouwd was voor vliegende objecten, tot radargeleide luchtafweersystemen.
Via de plattegrond op de website kun je in het museum rondkijken. Beweeg je muis over de foto’s voor een panorama.

Zo zag ik ook het type luchtafweerkanonnen dat in het boek beschreven staat, waarmee “onze jongens” van toen de vijand moesten bevechten. Er stond slechts één zoeklicht, terwijl ik daar het meest in geïnteresseerd was.
Daar werd mij pas duidelijk, dat de zoeklichten niet onder de competentie van de Luchtdoelartillerie of Luchtafweer vielen, maar onder de Genie. En dat is een heel ander legeronderdeel. Ik vond de volgende tekst:

IN 1922 WERD BIJ HET REGIMENT GENIETROEPEN HET 3E BATALJON ALS VERLICHTINGSTROEPEN OPGERICHT.
IN 1938 WERD HET REGIMENT GENIETROEPEN OPGESPLITST IN DRIE REGIMENTEN EN WERD HET 3E BATALJON HET 3E REGIMENT GENIETROEPEN (VERLICHTINGSTROEPEN). DIT REGIMENT BEDIENDE TOT 1940 ALLE ZOEKLICHTEN.
HET NEDERLANDSE LEGER HAD VELE SOORTEN ZOEKLICHTEN IN GEBRUIK. DE ZOEKLICHTEN WERDEN GEBRUIKT VOOR DE VERLICHTING VAN HET GEVECHTSVELD EN VOOR HET OPSPOREN VAN LUCHTVAARTUIGEN.

Ik ben dus maar eens op zoek gegaan naar de Genie, maar op de website van het Geniemuseum heb ik nog geen enkel zoeklicht kunnen vinden. Ook is het museum gesloten wegens verbouwing, en het is hier ver (207 km) weg: Vught.
Mijn zoektocht is dus nog niet ten einde.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Zoektocht naar voetsporen van mijn vader. Bookmark de permalink .

4 reacties op Het LUA-Museum en het Genie-museum

  1. tagrijn zegt:

    Erg boeiend zo’n speurtocht naar het verleden.

  2. dog zegt:

    laat je ook horen als je erachten bent…

  3. fijnegozer zegt:

    Ik kan je ook niet adviseren waar je je zoeklicht op moet richten om meer over zoeklichten te weten te komen. Weet wel dat dat WO II gebeuren interessante materie is.

  4. Wim Angenent zegt:

    beste ,

    Zoeklichten maakte idd deel uit van de genie maar waren onder bevel
    van luchtverdediging verdeeld over div regio’s
    Op onze website ‘oudstrijders 1940″ proberen we naanlijsten te reconstrueren
    zie voorbeeld ;

    http://home.wanadoo.nl/wadelft/lvk_denhaag/zl7.htm

    Waar u onderop info kunt vinden over zoeklihten in museum “Waalsdorp”

    Info over onderdeel van militairen kunt u krijgen bij BRIOP zie adressen:

    http://oudstrijders.getmyip.com/os4/div_pags/adres2.htm

    Mogen de naam van uw vader vernemen zodat wij hem mogelijk aan een
    lijst kunnen toevoegen ??

    vr. groet Wim

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s