De Tabernakel achter het luik

Het was een verborgen ruimte, die zijn toegankelijkheid verried door een horizontale kier in de betimmering van de overloop op minder dan anderhalve meter hoogte. De functie van die naad werd benadrukt door een houten draaigrendeltje, dat een krapje werd genoemd. Een deurtje zonder scharnieren, dat je kon uitnemen en wegzetten, oftewel een luik.
Het eerste wat je tegenkwam als je door dat luik de ruimte er achter binnenging, was een houten kist. Ongeveer een meter lang, een halve meter hoog en een halve meter breed, bruin gebeitst en aan beide uiteinden een houten handgreep.

Bij verhalen die je hoort vertellen, vorm je vanzelf beelden uit je herinnering en je fantasie. Bij de verhalen uit de Kinderbijbel en later de Bijbelse verhalen op school, associeerde ik die kist altijd met het begrip: Tabernakel. Die kist bevond zich dan natuurlijk in een andere ruimte, met veel gordijnen en kleden van zware stoffen in gedekte kleuren. Plaatjes in de Kinderbijbel zullen daartoe hebben bijgedragen.

De ruimte waar onze kist echt stond, een afgetimmerde ruimte onder het schuine dak, werd gebruikt als bergplaats voor spullen waar je niet vaak bij hoefde. We bevinden ons in het huis, waarvan ik pas onlangs de exacte datum ontdekte dat wij daar gingen wonen; ik was nog net geen vijf jaar. Mijn moeder en ik trokken in bij opa en oma en een nog thuiswonende zus van mijn moeder, tante Mien.

Mijn moeder kreeg een grote zit-slaapkamer, waar ze ook wat van haar spullen kwijt kon. Zoals de salontafel die mijn vader had gemaakt. Het blad was een kunstig gemaakt mozaïek van triplex, waarschijnlijk het mooiste wat hij op dat gebied gemaakt heeft. Ook het door mijn vader gemaakte dressoir stond in haar kamer, met alle diverse serviesgoed er in dat bedoeld was geweest om een gezinsleven lang gebruikt te worden.

Mijn moeder sliep op een opklapbed, zodat er ook sprake kon zijn van een zit-functie in haar kamer. Dat die kamer waarschijnlijk met pijn in het hart is afgestaan door opa (en oma), ben ik me pas veel later gaan realiseren. Hij moest nu zijn vele dikke boeken lezen in de woonkamer en zijn schrijfwerk en calligrafie aan de huiskamertafel doen.

Opa was hoofd van de Gereformeerde School te Nieuw-Amsterdam geweest van 1 januari 1907, tot hij op 1 september 1940 werd gepensioneerd. Daar vóór was Opa onderwijzer in Leiden. Op 19 december 1906 trouwden opa en oma, en ze werden de eerste leerkrachten aan de school in Nieuw-Amsterdam.

Opa en oma hadden dit huis naar eigen inzichten laten bouwen om na hun pensionering gerieflijk te wonen. Daarbij moet opa die grote kamer in gedachten gehad hebben als studeerkamer, al of niet gecombineerd met de echtelijke sponde. Zijn enorme bureau, dat bijna de hele breedte van de kamer voor het raam in beslag nam, stond er nog, en er hing een pijpenrekje met lange kalken pijpen met het toen al clichématige opschrift: “Een tevreden roker is geen onruststoker”.

Er moest ook een slaapplaats worden gevonden voor mij. In die grote slaapkamer was een deurtje, dat toegang gaf tot net zo’n verborgen ruimte als waarmee dit verhaal begon, alleen was deze ruimte groter, vooral hoger. Ook het deurtje was hoger en het had scharnieren.
Het werd het veiligste kamertje dat ik ooit gehad heb, die “loze” ruimte onder het schuine, degelijk afgetimmerde houten dak. Vaak heb ik vlak boven me de regen en de wind tegen de dakpannen tekeer horen gaan, maar toch voelde het daar altijd veilig.
Mijn bed moest ingekort worden. En er moest gezorgd worden voor voldoende toevoer van frisse lucht. Daarvoor werd een gat gezaagd in de houten wand die boven het trapgat uitkwam, en afgedicht met vliegengaas. Mijn eigen venster op de wereld van de grote mensen.
Als ik ’s avonds naar bed moest, mocht ik nog even spelen op de mondharmonica, die ik had gekregen omdat ik niet aan het orgel (harmonium) mocht komen. Zo was ook gemakkelijk te horen of ik niet te lang doorging.

Toen ik wat avontuurlijker begon te worden, ontdekte ik dat mijn slaapkamertje in verbinding stond met de ruimte waar de “Tabernakel” stond. Om daar te komen, moest ik wat spullen opzij schuiven en me er tussendoor manoeuvreren. Alleen was het lastig dat ik me dan steeds verder van een lichtbron verwijderde. Het enige licht kwam door een paar heel smalle kieren.
Ik droom nog wel eens, dat ik in een huis ben waar ik me via dergelijke kruip-door-sluip-door-ruimtes van de ene kant van het huis naar de andere begeef.

De kist was op slot, mijn moeder had de sleutel. Hij bevatte mysterieuze voorwerpen, waarvan de functie mij aanvankelijk onbekend was, maar vanaf de eerste keer dat die kist in mijn bijzijn openging, herinner ik me die specifieke geur.
Later leerde ik, dat het de gereedschapskist van mijn vader was. Ik denk dat die geur hoort bij het vet dat hij gebruikte voor het onderhoud van zijn gereedschap. Ook na jaren vrijwel ongebruikt daar te staan, roestte het niet.

Twee zagen, een grote en een kleinere, waren op een handige manier aan de binnenkant van de deksel bevestigd. Je kon ze snel pakken, omdat ze met een “krapje” waren vastgemaakt. Uiteraard waren er allerlei schaven en wat dies meer zij.
Langs de zijkanten zaten latjes, waar beitels, vijlen en tangen achter waren gestoken. Het intrigerendst vond ik het tangetje dat diende om de tanden van een zaag goed af te stellen, nadat deze geslepen (gevijld) was. Tegenwoordig gebruiken veel mensen een zaag met geharde tanden. Die kan niet geslepen worden, wordt vervangen door een nieuwe en weggegooid. Wie kan er nog een zaag vijlen en goed instellen, en wie doet dat nog? Ik denk dat een nieuwe zaag nu goedkoper is dan hem te laten scherpen.

In zekere zin was die gereedschapskist ook een Tabernakel, een heiligdom ter herinnering aan mijn vader: hij wist dat goed gereedschap het halve werk is, daarom ging hij er heel zorgvuldig mee om. Ook omdat nieuw, goed gereedschap kostbaar was. En hij heeft er zulke prachtige dingen mee gemaakt.
Is dat gereedschap altijd ongebruikt in die kist gebleven? Nee. Voor klusjes waar opa’s eigen gereedschap tekortschoot, werd de kist aangesproken. Het gebruikte gereedschap ging daarna keurig verzorgd weer terug.

Later is mijn moeder hertrouwd. Zo kreeg ze alsnog het grote gezin waar ze ooit aan gedacht moet hebben in haar jonge jaren. Ze kwam zelf uit een gezin met tien kinderen en ik heb haar daar nooit anders dan enthousiast over horen vertellen.
Nu kreeg ze in één klap ook zo’n groot gezin, in plaats van alleenstaande moeder met één kind te zijn.

Dat betekende wel een herschikking van onze spullen. In het kleine huis van dit grote gezin hadden we nog minder ruimte dan tot nu toe. De mooie salontafel werd al spoedig ten offer verklaard aan houtworm.
De oudste nog thuiswonende zoon was opgeleid tot timmerman. Hij ging emigreren naar Australië en wou graag wat van het gereedschap mee, als “startkapitaal”. Het is mij gevraagd, mijn moeder heeft het met mij overlegd. Ik heb ermee ingestemd, en daar heb ik op zich geen spijt van. Ik was van goede wil om in te voegen in dat nieuwe gezin.
Wat me wel moeilijk valt, is dat ik daar voor mijn gevoel weinig voor teruggekregen heb. Rationeel begrijp ik dat wel, want voor die nieuwe familie was het gewoon gereedschap, voor mij was het veel meer. Inderdaad, spullen uit de Tabernakel.

Ook bleek later dat mijn stiefvader zich gereedschap uit de kist had toegeëigend zonder dat ik daarvan wist. De verhouding tussen hem en mij zat toen al in een negatieve spiraal, en het woog nog zwaarder doordat de man tangetjes had verdonkeremaand, die ik van mijn verjaardagsgeld had gekocht als investering in mijn beroepskeuze.

Een paar stukken gereedschap van mijn vader heb (en gebruik) ik nog steeds. Een bankhamer, een winkelhaak, een zwaaihaak, een ijzerzaag, een glassnijder, een schietlood en een duimstok. Het is maar een klein deel van het oorspronkelijke arsenaal. De geur van de gereedschapskist is al lang verdwenen, maar die kan ik nog moeiteloos oproepen uit mijn geheugen.
Opa, mijn vaders’ vader, heeft toen ik op kamers ging wonen, van de lege gereedschapskist een kastje gemaakt. Bij mijn laatste verhuizing is dat naar mijn zoon gegaan.

Langs een andere weg ben ik in het bezit gekomen van een zaag uit de jonge jaren van mijn vader. Zijn initialen staan in het handvat geprikt. Die “kreeg ik terug” van de minst technisch aangelegde broer van mijn vader, de derde van de vier broers. Mijn vader gebruikte die zaag op de Ambachtsschool, en gaf hem aan mijn oom toen hij ging werken en professioneel gereedschap kon kopen.


Rechts vooraan met zaag, mijn vader op de Ambachtsschool

Deze zaag heeft een rituele plaats gevonden boven mijn werktafel. Hij is bevestigd op een plank, zoals de andere zagen van mijn vader bevestigd waren aan de deksel van zijn gereedschapskist.
Dat is nog steeds een Tabernakel, maar nu achter het luik van mijn herinnering.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Zoektocht naar voetsporen van mijn vader. Bookmark de permalink .

7 reacties op De Tabernakel achter het luik

  1. mooi dat je dat oude gereedschap hebt… heb zelf van mijn opa een hele oude vulpen en zijn scheerkist…

  2. Natasza zegt:

    Wat een prachtig verhaal. Heel beeldend en vooral respectvol geschreven. Ik vond het fijn om te lezen.

  3. Marijke zegt:

    Ik vind dit één van je mooiste verhalen, lieve Dwarsbongel van mij!

  4. tagrijn zegt:

    Gewedldig toch, zo’n huis met zoveel geheimen!

  5. Wat mooi hoe je dit allemaal verteld hebt. Zo heb je toch eigenlijk een schat van herinneringen aan je vader.

  6. Bertie zegt:

    Wat een veelschrijver ben je; als je deze mooie stukken bundelt kan je er een leuke uitgave van maken.
    Absoluut de moeite waard!

  7. Dwarsbongel zegt:

    @Bertie: ik heb het gevoel dat ik nog niet eens halverwege het verhaal ben…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s