Stralend fietsweer!

Gistermorgen las ik dat Japanse technici bij Fukushima Daiichi hebben rondgebanjerd in de plutoniumprut, om reactor 3 weer onder controle te brengen. Twee liggen er met zware brandwonden aan de benen in het ziekenhuis. Gisteren was ook een radioactieve wolk uit Japan voorspeld boven Nederland.

Wij gingen gisteren fietsen.
We begonnen in Westenesch, genoten van het mooie weer, en lunchten op een héérlijk rustig terras in Noordsleen.

Wielens-5310

Ik had onderweg een bord gezien met een broodje kroket, en dat spookte de hele tijd door mijn hoofd. Gelukkig hadden ze dat op de kaart staan. Marijke koos een "Stokbroodje Hawaii".

Lunch-5312-13

Ik heb daar ooit, in een zaal van dat bedrijf, met enkele collega's de cabaretier uitgehangen op een afdelingsfeest.

Na de lunch hebben we onze jassen niet weer aangetrokken, het was warm, zelfs met de rijwind er bij.
Via Zweeloo naar Benneveld. Langs de Bommertsweg stopten we, om onze onwennige zadels heel even van ons gewicht te verlossen, alvorens onze weg te vervolgen richting Sleen.

M-5315

Kort na Diphoorn hebben we nog even liggen(!) uitrusten in de zon op een picknickbank, voordat we het laatste stukje naar huis fietsten.
Onderweg zagen we kieviten duikelen (klik op het luidsprekertje voor zijn geluid), en de, visueel soms moeilijk te volgen leeuweriken zongen al stijgend het (letterlijk) hoogste lied (Klik op "Alauda arvensis zang/roep" voor een vollediger zangpatroon), om dat in duikvlucht, terug naar de aarde, vol te houden tot vlak boven de grond.

Volgens de berichten vanmorgen, liepen die Japanse technici zonder veiligheidslaarzen in een laag van 20 cM zwaar radioactief besmet water rond in reactor 3, die met plutonium.
Hoe kun je ooit nog vertrouwen hebben in instellingen die zulke primaire enormiteiten niet blijken te kunnen voorkomen?

In Nederland is door het RIVM wel een verhoogde straling gemeten, maar 10.000 keer minder dan met Tsjernobyl in 1986.

Wij hebben ook een beetje last van de gevolgen van straling: we zijn lichtjes verkleurd. Vandaag was het weer niet zo fietsvriendelijk als gisteren: er was veel minder zonnestraling.

Advertenties
Geplaatst in Uncategorized | 4 reacties

Opa Buiswater

"Opa Buiswater, Rood en Rechtvaardig" – Ik had zijn weblog ooit ontdekt, las en reageerde er regelmatig. Hij reageerde soms ook bij mij. Totdat hij op 15 mei 2010 een afscheidslog plaatste: hij had te horen gekregen dat hij ongeneeslijk ziek was, net toen hij een nieuwe wending aan zijn leven gegeven had. Toen al reageerden webloggers geschrokken. Af en toe keek ik nog op zijn log, zijn laatste tekst was al verdwenen.
Vandaag vond ik er een in memoriam. Even zoeken leerde dat, net als ik, veel medebloggers hem waardeerden. Sommigen hadden persoonlijk steun van hem gehad, en zelfs GeenStijl wijdde een vaarwel aan hem. Hij heeft blijkbaar zelf gekozen voor deze muziek bij zijn afscheid: ik heb een zwak voor deze zanger.
Mede-opa, ik heb geen "genever" in huis, is een rood wijntje ook goed? Wat mij betreft heb je "er toe daon", zoals ze dat bij ons zeggen.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Opruimen

HPIM5118w.jpg
Oude TV kapot?
Ach, flikker hier maar neer, dit is toch maar een bosje …
HPIM5120w.jpg
… in een kinderrrijke buurt …
HPIM5132w.jpg
… en dat glas van de beeldbuis ligt toch bijna helemaal onder het blad verstopt.
HPIM5133w.jpg
En als er kinderen in dat glas vallen en gewond raken tijdens
het oorlogje spelen (pow! pow!), leren ze dat ook meteen af,
daar groeien ze toch alleen maar agressief van op…!

Nogal cynisch geschreven he? Ik vind het schandalig wat hier is gebeurd. Niet alleen de troep en het glas.
Ook omdat het "kapotmaken" van een beeldbuis knap gevaarlijk is: omdat een beeldbuis vacuüm gezogen is, kan er een implosie plaatsvinden waarbij de glassplinters verwoestend rondvliegen.
Verder kunnen er gevaarlijke stoffen vrijkomen. Zo zitten in oudere TV's transistoren die Berillyum Oxide bevatten, een zeer ernstig vergif.

We hadden het probleem donderdag doorgegeven aan Buurtbeheer, en pas de dinsdag daarna was het karkas van die TV verdwenen.
Maar het glas lag er nog allemaal, tot in de verre omtrek. Dat hebben we toen zelf maar zo goed mogelijk opgeruimd.

Geplaatst in Uncategorized | 7 reacties

Technitaligheid

Bij het opruimen van een oude computer vond ik bestanden, waar ik destijds nog wel eens lol aan beleefd heb. Zo was daar het toespraakje van een oudere collega bij zijn (op verzoek van het bedrijf een paar jaar uitgestelde) afscheid om met de VUT te gaan.

Wij zaten in twee kamertjes naast elkaar, in een uithoek van het gebouw. Dick was toen ruimschoots jonger dan ik nu, het was begin 1989. Ik was mijn eerste ASIC aan het ontwerpen.
Dick deed iets aan materiaalonderzoek en dergelijke, en heeft tot zijn afscheid het gebruik van een computer weten te vermijden. Hij werd wel eens vriendelijk geplaagd met zijn elektrische typemachine (“mechanische PC zonder geheugen”), en als een soort van revanche wou hij in zijn speech een heleboel computer-termen ten gehore brengen, waarvan het merendeel van de aanwezigen geen hout zou begrijpen.
Dit stuk wartalige woordspelingen heb ik daartoe voor hem geschreven:

“Ik denk dat ik een realtime multi-user en multi-tasking operating system op een 32 MegaHertz AT-80c386 met gepartitioneerde 100 MegaByte harddisk en 16 Meg nonvolatile virtual bubble memory nodig heb, om via het V22bis-protocol met een UART op 1200 kilobaud aan ethernet, de kunstmatige intelligentie te kunnen raadplegen van Kermit.

Die kan me misschien helpen om te begrijpen hoe door een hexadecimale patch in de relocatable PASCAL-code, een bug veroorzaakt kon worden in de zero carry flag van de box-queue, zodat de stack op de bus naar de heap gezet werd, en de accu alle registers opentrok.

Maar misschien ben ik niet de enige die het niet begrijpt, en was dit gewoon het gevolg van een virus met delay in de acces van een Flip-flop, met RISC van UNIX in ASIC of EEPROM.

Dit verhaal is niet WordPerfect, en het verschil tussen een co-processor en core-processor blijft een mysterie. Voor mij is Norton een motorfiets, en LOTUS een bloem.”

Wie ingeburgerd is in de techniek, ziet direct dat het “uit de oude doos” is. De technische specificaties van toen worden nu, na slechts 30 jaar, gezien als pre-historisch, en veel destijds gangbare programma’s en methoden zijn vergeten en vervangen door veel betere of snellere.
Ik zal niet alle termen bijlangs gaan, dan wordt het een complete cursus oude techniek, met een paar standvastige elementen. Ik pik er een paar algemene uit:

  • KERMIT was zowel de kikker uit Sesamstraat, als een manier om bestanden uit te wisselen tussen computers. Iets dat op internet leek was toen alleen nog maar beschikbaar voor militaire of wetenschappelijke instellingen.
    De gewone burger kon met zijn hobbycomputer via een gewone telefoonlijn inbellen (zeer traag!) op “Bulletin Boards“: de eerste PC’s of vergelijkbare computers, die bij iemand thuis stonden en dienden als knooppunt voor een aantal gebruikers met dezelfde interesse. Met het programma KERMIT kon je bestanden uitwisselen met de Bulletin Boards.
  • PASCAL is een programmeertaal, die je als het ware “dwingt” om netjes te werken, zodat je (of iemand anders!) later beter begrijpt hoe het in elkaar zit, als het programma aangepast moet worden.
  • WordPerfect was de toen meest gebruikte tekstverwerker, maar is later door Microsoft Word verdrongen. Nu is het gratis pakket OpenOffice.org sterk in opkomst, dat hetzelfde kan als Microsoft Office, en beschikbaar is voor “alle” besturingssystemen.
  • Veel mensen denken bij de naam Norton aan de bekende Antivirus software, maar voordat mijn generatie daarvan gehoord had, waren we onder de indruk van de motorfietsen met die merknaam.
  • Het spreadheet-programma Lotus 1-2-3 zei Dick helemaal niets: hij was ongelooflijk handig met de rekenlineaal (“schuifcasio”). Als begenadigd amateurschilder was hij veel meer onder de indruk van de schoonheid van de natuur, zoals de Lotus-bloem.

En artistieke interesse was ook precies waarop we elkaar gevonden hadden, terwijl weinig collega’s zich daarmee bezig hielden en er eerder wat lacherig over deden…

Geplaatst in Uncategorized | 3 reacties

Nieuwjaarsvandalisme

Nog even nieuws kijken op het www. Ik zie de kop: Hoe het nieuwjaarslopen verdween en lees: nieuwjaar-slopen.
Een punt in mijn opvattingen, waarover ik in deze tijd van het jaar nogal eens mijn mening geef. Op mijn veertiende was ik nog "zo groen als gras" en kwam, opgegroeid als enig kind tussen volwassenen, terecht in een gezin met negen kinderen, de meesten ouder dan ik. Vanuit een provincieplaats naar een plattelandsdorp. Ik had een half jaar alvorens ik daar mijn eerste oud- en nieuwjaar meemaakte. Dat was volstrekt nieuw voor me: rondbanjeren en kattekwaad uithalen.

Ik herinner me uit die tijd dat een dronken boerenzoon hardlopend voor twee politieagenten op fiets naar het bureau werd afgevoerd, omdat hij midden op de dorpsstraat een melkbus met carbid liet knallen. Hij zat op de melkbus met zijn colbert binnenstebuiten. Het probleem was voornamelijk dat de deksel van de melkbus een onvoorspelbare koers zou kunnen volgen en daardoor schade zou kunnen aanrichten.

De activiteiten van de jeugd in het dorp op oudejaarsavond concentreerden zich op "slepen" en carbidschieten, want commercieel vuurwerk was buiten het financiële bereik van de meesten. Carbid kocht je gewoon bij de dorpssmid.
Lege verfblikken met een goed sluitend deksel waren geschikt. Wie een melkbus kon versieren voor het carbidschieten had het helemaal gemaakt!

"Slepen" was de kunst om niet specifiek beheerde, buiten geparkeerde voorwerpen, vooral rijdende, op een rare plaats te brengen of samen te brengen op een centrale plaats. Zo kwam er een fietsenrek bovenop een hoge graansilo van de plaatselijke landbouwcoöperatie terecht, en een boerenkar op het dak van de kerk. Ook werd er een boerenkar met stront geparkeerd voor de deur van de plaatselijke drogist, die er geen geheim van maakte dat hij zich niet thuis voelde tussen "die domme boeren hier". Dat een baksteen onder de achterklep van de kar werd geschoven maakte zijn stoep extra geurig en glibberig…

Een aantal jaren later verhuisde "ons" gezin naar de provincieplaats waar ik was opgegroeid. Toen was het nog meer een dorp met ongemerkte overgang naar platteland, terwijl het nu meer stadse capsones heeft.
Ik was die jaarwisseling daar.
We sleepten een boerenkar, zo'n klassieke blauwe wipkar, naar het centrum en lieten die daar staan. Maar we waren hevig verontwaardigd toen verderop een aantal kornuiten bezig waren om van achter een bloemenwinkel bloempotten op straat kapot te gooien.

We weten eigenlijk ook zeker, dat de politie, die er toen net aan kwam, ons opzettelijk liet lopen en de bloempotters wel achtervolgde…

Geplaatst in Uncategorized | 3 reacties

IJsvrij winter 1960/1961

Terwijl mijn raam uitzicht geeft op een witte wereld, lees ik dat het 50 jaar geleden is dat de vijfdaagse werkweek, oftewel de vrije zaterdag is ingevoerd.
Dat brengt me tot peinzen over het begin van mijn loopbaan. Toen was er inderdaad nog geen vrije zaterdag. Een beetje rekenen met behulp van het gezegende fenomeen spreadsheet leert me, dat tussen mijn indiensttreding bij het Natuurkundig Laboratorium van de Rijksuniversiteit Groningen als Leerling-bediende (loopjongen), en de invoering van de vijfdaagse werkweek, 13 zaterdagen zijn gepasseerd. Dat is één kwartaal. Ik had het gevoel dat het veel langer was. We werkten overigens alleen de zaterdagmorgens tot 13:00 uur.

De combinatie van dat jubileum en de huidige weersomstandigheden riep een bijzondere herinnering wakker. De directeur van ons instituut mocht, binnen de regels, ijsvrij verlenen: een universiteit is immers ook een onderwijsinstelling?
Er lag ijs. Natuurijs, dat op de meeste ijsbanen sterk genoeg was. Kanalen waren onbetrouwbaar. En er was dooi voorspeld.
De hoogleraar-directeur deelde mee, dat wie dat wou, de volgende dag ijsvrij mocht nemen. Met een serieus gezicht proclameerde hij de voorwaarde, dat je dan ook moest gaan schaatsen.

Ik besloot dat ik "dus" zou gaan schaatsen, en mezelf daarmee een vervroegd weekend inloodsen. Ik haalde mijn spullen uit mijn kosthuis, om af te reizen naar het ouderlijk huis. Die rit, op fiets heen en terug, was voor mij nog redelijk te doen: het begon te ijzelen.
De chauffeur van de bus naar Assen besloot niet te rijden. Oke, van Groningen naar Assen rijdt ook een trein. In Assen was het inmiddels ook begonnen te ijzelen. Ik moest daar de bus naar Zweeloo hebben, lijn 22. Er was twijfel of de bus wel zou rijden. Uiteindelijk was er een chauffeur, die graag naar huis wou en zou proberen of het lukte. Er waren toch nog enkele passagiers die ook mee wilden, het avontuur tegemoet.

Het bleek onderweg erg glad geworden op de weg, en dat is bepaald niet overdreven geformuleerd. De snelheid zakte naar minder dan stapvoets, maar we zaten nog steeds warm in de bus. Er was een stuk klinkerweg dat enigszins bol was, en de bus gleed onherroepelijk naar de zijkant van de weg. Langs de kant waren plaggen weggestoken uit de berm, als vorm van onderhoud. De bus glibberde langs die afgestoken rand, maar in de berm stonden ook bomen. Een paar keer moesten wij als passagiers, proberen de bus verder de weg op te duwen, teneinde beschadiging te voorkomen. Er waren een paar sterke kerels bij, en zo lukte ook dat.

In Beilen vond de chauffeur het welletjes. Hij vond verderrijden absoluut onverantwoord. Daar stond ik, om elf uur 's avonds, zo'n 20 kilometer vanaf mijn reisdoel. Ach, ik had nog met de trein terug gekund naar Groningen, maar welke toestand zou ik daar aantreffen? Vanaf het station was het toch ook nog een flink eind naar mijn kamer.

Het woord "mietje" was niet zo in zwang als nu, maar ik wou me niet laten kennen: ik besloot te gaan lopen, vastbesloten als ik was om de volgende dag op de ijsbaan van ons dorp te schaatsen, en zo het spel van de prof te winnen.
Op straat in Beilen was een aantal mensen aan het schaatsen bij het licht van de straatlantaarns. In de berm was het wel wat zwaarder lopen, maar ik hield mijn benen tenminste onder me. Mijn weekendtas hing ik aan de ceintuur van mijn jas om mijn handen vrij te hebben en niet voortdurend het gewicht aan mijn armen.

Het was koud, maar niet bitter koud, er was weinig wind, en het ijzelen was opgehouden, op een paar spettertjes na.
De nacht was gelukkig niet pikdonker buiten de dorpen. Ik kon redelijk mijn weg vinden en obstakels vermijden. Mijn kleding was berekend op dit weer, en door in beweging te blijven bleef ik warm genoeg. Alleen een beetje koude voeten. Ik kende de weg, al had ik die nog nooit gelopen, en zeker niet onder deze omstandigheden. Het voelde heerlijk avontuurlijk, al had ik best nog iets willen eten en iets warms drinken. Ik had niets bij me.

Het was omstreeks vier uur 's morgens, toen ik het ouderlijk huis bereikte. Hoe nu verder? Ik had geen sleutel; het zou een vermogen gekost hebben om alle (ook voormalige en deeltijd-) gezinsleden een sleutel te geven. Bovendien kwam ik onaangekondigd.
Na een avond uitgaan was de deur gewoonlijk nog niet op slot, en sliep mijn moeder pas als ze de laatste had horen thuiskomen. Maar het was ook niet de tegenwoordige tijd: nu gaat de jeugd pas echt uit op een tijdstip dat wij in onze tijd alweer thuis kwamen.

Ook toen hadden we al een trucendoos. Steentjes tegen het slaapkamerraam van de broers en zussen. Dat vereiste wel enige vaardigheid: die ramen waren boven en de steentjes mochten niet te groot zijn. Onze ouders sliepen beneden, en zeker mijn stiefvader wenste ik niet wakker te maken.

De trucendoos werkte niet. Ik hoorde vele malen steentje hun doel bereiken, maar er kwam geen enkele reactie. Ik kreeg het op deze manier ook niet warmer, en besloot tot de laatste truc: het WC-raampje.
Om daar door te kunnen, moest wel mijn jas uit. Een opstapje georganiseerd om rustig het raampje te kunnen verwijderen en er dan zelf door te kruipen. Ik hing halverwege naar binnen en tastte naar een landingsplaats. Hé, hier moet toch ongeveer de plank zijn waar je op moet zitten? (Het was nog een tonnetjes-systeem). Oeps, voorzichtig, de deksel ligt niet op de opening…
Het lukte me om ongedeerd binnenshuis op mijn voeten terecht te komen.

Op het moment dat ik de WC-deur opende om mijn tas en jas naar binnen te halen via de deur, ging het licht in het achterhuis aan. Mijn moeder stond me verbouwereerd aan te kijken, met nog een zweem van inbrekersalarm in haar ogen: "Hoe kom jij hier nou?"
Ze heeft nog een lekkere dubbele boterham voor me gemaakt en een beker warme melk.

Ik ben de volgende morgen (niet heel vroeg) naar de ijsbaan gegaan en heb geschaatst. In een laagje water, maar ik heb geschaatst tijdens dat ijsvrij!

Maar was dat ijsvrij nou op een zaterdagmorgen? Het was in elk geval een vervroegd weekend.
Dat het werkelijk gebeurd is, daar sta ik voor in, maar de juiste tijdsbepaling…? In de gegevens van het KNMI over deze periode kon ik niet zomaar een vorstperiode terugvinden, waaraan ik deze omstandigheden vast kan plakken. De vrije zaterdag werd ingesteld op 23 december 1960. Of kwam voor ambtenaren de vrije zaterdag later?
Half september 1960 begon mijn baan in Groningen en in mei 1961 waren mijn moeder en stiefvader verhuisd. Dit verhaal moet dus in de winter 1960/1961 gespeeld hebben.
Cognitief psycholoog Joost heeft me al eens uitgelegd, dat herinneringen niet chronologisch worden opgeslagen, maar naar emotionele impact.

Geplaatst in Uncategorized | 5 reacties

Kerst en Nieuwjaarswens 2010-2011

Ekaart10-11_1675_400

Afbeelding | Geplaatst op door | Een reactie plaatsen